Net voor de start van de vakantie zijn in het openluchttheater de kozijnen gemonteerd en is het glas aangebracht. Ook de tribune-verlichting is hersteld.
Omdat wij het er ook even van nemen, volstaan we met enkele foto’s. Wie had kunnen denken dat het er nu al zo goed uitziet! Na de bouwvakvakantie wordt de rest van het park aangepakt.
Tot nu toe had het weer vrij spel in het theatergebouw. De ramen ontbraken en de betonnen frames stonden er verloren bij. Dat gaat veranderen. Achter de frames (puien) worden nu moderne en goed geïsoleerde kozijnen aangebracht (1).
De kers op de taart!
Het regiehuisje is bijna in oude glorie hersteld (2-3-4). Er is veel (hand)werk verricht, zoals het zorgvuldig glazuren van de gevelstenen in de oorspronkelijke blauwe kleur. Het het resultaat is wat mij betreft een eerbetoon aan de architect, Pierre Weegels!
Rob Langeslag
regiehuisjeregiehuisje met de herstelde glazuren stenenregiehuisje met nieuwe beglazing
De meest in het oog vallende structurele werkzaamheden van dit moment zijn de bestratingen van (1) het driehoekige plein achter het theatergebouw, (2) het regiehuis en (3) het basement van het theatergebouw. De voorbereidingen voor de nieuwe buitenkozijnen van het theatergebouw zijn in volle gang (4, 5, 6).
1 nieuwe bestrating plein achter het theatergebouw
2. bestrating achter regiehuis3. bestrating van basement theatergebouw4. stalen ondersteuning voor nieuwe stalen kozijnen5. restanten pui regiehuis6. verwijderde restanten pui regiehuis
Maar ook andere klussen trekken de aandacht, zoals de aanplant van nieuwe bomen in het park (7) en het herstel van opvallende elementen als de nieuwe poort bij het regiehuis (8, 9), de lantaarns op het plein achter het theatergebouw (10) en de lichtmasten (11).
7. aanplant nieuwe bomen8. nieuwe toegangspoort bij regiehuis9. toegangspoort bij regiehuis10. toegangspoort bij regiehuis11. herstel lantaarns van het plein achter het theatergebouw
Tribune
Over de aanpak van de tribune zijn we minder enthousiast. De verzakkingen en verschuivingen in de trappen zijn gevaarlijk en maken delen van de tribune onbruikbaar. Zonder aanvullende maatregelen is de tribune te onveilig om te gebruiken (12 t/m18). Wel zijn er grote aantallen consoles hersteld voor de ondersteuning van eventuele bankjes die er echter nog niet zijn.
12. herstel lichtmasten13. in de lengte gescheurde trede14. scheef hangende en losgescheurde trede15. onveilige verzakkingen16.diepe scheur tussen zitplaatsen en trap tribune17.wegzakkende trap ten gevolge van inklinking en afschuiving van de theaterberg18. diepe scheur tussen zitplaatsen en trappen19. detail van een onacceptabele scheur tussen zitplaats en trap van de tribune
Waterafvoer tribune
De natuurstenen theatermuren en de betonnen tribunevloeren vormen een gesloten vergaarbak waaruit het regenwater niet kan ontsnappen. Weliswaar is er een geïmproviseerde goot aangebracht, maar die voert het water als een waterval de orkestbak in. Dus dat schiet ook niet op. Een afvoer naar buiten is noodzakelijk, maar wordt vooralsnog niet aangelegd. Blijkbaar is er niets geleerd van eerdere problemen, toen de orkestbak bij regen vaak onder water stond.
Somber scenario
Vroeg of laat zal de Gemeente constateren dat de veiligheid van de tribune niet gewaarborgd is en zal vanuit haar controlerende taak moeten optreden. Ook basale voorzieningen om het theater af te stemmen op de eisen van deze tijd, zoals bijvoorbeeld leuningen, zijn nog niet getroffen. Dat houdt in dat de poorten van het prachtig gerestaureerde theater voor publiek gesloten blijven. Het momentum van een enthousiaste start zal dan verloren gaan, omdat het complex nog niet geschikt is voor gebruik. Opnieuw dreigt het scenario van leegstand en verval. Het is sowieso een vreemde procesgang om bij zó’n investering niet van tevoren een plan te hebben voor toekomstig gebruik.
Exploitatie
De Lichtenberg Foundation is opgericht om het Lichtenbergpark te gaan exploiteren. Dat is een goed voornemen en we wachten in spanning af. De Foundation heeft in haar eerste plannen al de indruk gewekt dat een culturele functie voor het theater niet haar prioriteit is. Dat zou kunnen betekenen dat het monumentale theatergebouw zomaar een kantoor, b & b of een uitvaartonderneming of school kan worden. Daarmee zou het belang van de gemeenschap niet gediend zijn.
En dát is voor ons een bron van grote zorg. Als de gemeente Weert niet instapt maar langs de kant blijft staan, lijkt het Rijksmonument als cultuurpodium voor de Weerter gemeenschap op termijn verloren.
De bezigheden voor De Lichtenberg brachten ons in contact met Grad Smedts (94), die tijdens de aanleg van de onderwijscampus projectmanager was van het toenmalige Bisschoppelijk College. Zijn kennis over de geschiedenis van het Bisschoppelijk College en ook van De Lichtenberg en de Tranchee, is enorm.
Waterput
Hij deelde met ons veel informatie over de omgeving ten tijde van de aanleg. Zoals de stabiliteit van de theaterberg, de waterloop, het leidingtracé en de vondst van een eeuwenoude waterput (800/1250 na Chr.). De put kwam tijdens de aanleg van het theatergebouw tevoorschijn. Eenzelfde constructie zoals nu in de hal van het gemeentehuis is tentoongesteld.
Eeuwenoude waterput
Aanleg IJzerenmanweg
Naar aanleiding van het nieuw aangelegde pad tussen boerderij ‘De Helmonder’ en het openluchttheater vertelde hij dat het tracé overeenkomt met dat van een eeuwenoude zandweg. Die ontsloot de ‘Valenakkers’ van Weert, maar moest verdwijnen (1950//1953 na Chr.) door de aanleg van de onderwijscampus. De aankoop van het oude tracé was geen sinecure, temeer omdat er een ondergrondse brandleiding lag. Om het hele gebied tussen Kazerne en de IJzerenman openbaar toegankelijk te houden, werd met de Gemeente afgesproken dat het Bisschoppelijk College als tegenprestatie de huidige IJzerenmanweg inclusief de brug over de gracht zou aanleggen (1953 na Chr.).
Onderzoek Rob Langeslag
Het verhaal van Grad Smedts over ‘de Valenakker’ van vroeger inspireerde mij tot enig onderzoek. Ik heb aan deze streek veel herinneringen uit mijn jeugd en wist dat het gebied geologisch en historisch bijzonder was.
De ‘Valenakker’ ligt ingeklemd tussen de huidige IJzerenman en de stadsmuren van het oude Weert. Het gebied is altijd een speelbal geweest van geologische krachten. Westelijk van Weert lagen droge en hoger gelegen zandgronden (116000/11700 voor Chr.). Daarvan kennen we de verhalen van urnenvelden en zandverstuivingen (Budeler Bergen, 11600 voor Chr./nu).
Hoogveen moerasZandverstuiving rond Weert (Budeler/Weerterbergen)
In het noorden en zuiden werd Weert omringd door de natte Peel. De stad zelf werd gebouwd op een verdwaalde zandrug, bijna volledig omringd door hoogveen. In de vroege middeleeuwen waren er veel zandverstuivingen, die deze contrasterende landschappen onderling zouden beïnvloeden. Dat leidde tot vele blokkeringen in de waterlopen van het veen, waar we nu nog onze kronkelende beekdalen aan te danken hebben.
Het ‘Eiland van Weert’; een dekzand rug omgeven door moerassen
De Valenakker, tussen zand en veen, veranderde mee. Het natte zichzelf steeds ophogende gebied als gevolg van afstervende plantengroei werd stilaan droger. Wellicht heeft daar ook de aanleg van de Boshoverbeek als de noordelijke afvoer aan bijgedragen. Onbedoeld, want de beek werd gegraven als watertoevoer voor de kasteelgracht (1296 na Chr.). Het moeras veranderde langzaam in een plaggenheide, die op haar beurt gebruikt werd als ondergrond in de potstallen. Dat leverde mest op en zo werd de opdrogende Valenakker langzaam ontgind en geschikt gemaakt voor schamele akkerbouw (1000-1500). Het werd een lappendeken van overwegend kleine kavels in eigendom van keuterboertjes, gegoede burgers en instellingen van de stad Weert. De instellingen, zoals kloosters, bezaten er boerderijen, waarvan de opbrengst voor de armen bestemd was (o.a. ‘Armentafel van de Heilige Geest’). Naarmate de kavels dichter bij de stad lagen, werden zij als gevolg van betere bemesting vruchtbaarder en kostbaarder.
Wie goed om zich heen kijkt, ziet nog steeds de invloed van de contrasterende natuurkrachten, die de omstreken van Weert als recreatiegebied zo interessant maken. Dat gebied heeft de naam ‘Kempenbroek’ gekregen. Daarbinnen ontwikkelt de Valenakker zich nog steeds als overgang tussen land en stad, met De Lichtenberg als hoogtepunt en ideale start om dit spannende gebied opnieuw te beleven.
Met dank aan voormalig projectmanager G. Smedts van het toenmalige Bisschoppelijk College in Weert.
Rob Langeslag
Bron: de paleogeografie van de Valenakker, door J.M. Van Mourik en F Horsten. Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen, van universiteit Amsterdam.
Bron: Samenvatting: ‘Stuifzandgebied Weerter- en Budelerbergen’. Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.